Good Practice

: begeleiding en bemiddeling werkloze ex-werknemers

De Vereniging voor Christelijk Voortgezet Onderwijs te Rotterdam en omgeving (CVO) maakt actief werk van de begeleiding en bemiddeling van werkloze ex-werknemers op de arbeidsmarkt. Om uitkeringslasten te besparen willen ze hen actiever gaan wijzen op hun mogelijk nieuwe WW-rechten na een tijdelijke baan.

Lisette Kalis, adviseur Mobiliteitshuis bij CVO, vertelt:
“In het kader van onze re-integratieplicht maar ook zeker vanuit goed werkgeverschap begeleiden en bemiddelen we ex-medewerkers op de arbeidsmarkt.  Dit doen we vanuit het CVO Mobiliteitshuis en in samenwerking met een externe partij. Ieder traject is maatwerk! Soms moeten we bij het begin beginnen en bieden we hulp bij het opstellen van een eigentijds CV, LinkedIn profiel en sollicitatiebrief. Naast praktische hulp zetten we ook ons netwerk (binnen en buiten het onderwijs) actief in. Hierbij is ons uitgangspunt dat elke werkhervatting een succes is, dus ook een tijdelijke baan voor een paar uur in de week! We controleren wekelijks het werkgeversportaal van UWV op nieuwe uitkeringen en op wijzigingen. Op deze manier hebben we zicht op onze uitkeringslast en zien we in welke mate onze inspanningen tot een besparing leiden.”

Een tijdelijke nieuwe baan bespaart CVO uitkering tijdens de baan én verhoogt de kans van de werknemer om opnieuw werk te vinden. Bovendien: als hij in een of meer tijdelijke banen 26 weken gewerkt heeft, kan hij daarna een nieuw recht op WW-uitkering hebben. Die uitkering hoeft CVO dan niet te betalen. En daarmee vervalt de oude WW die CVO betaalde geheel of gedeeltelijk.   
Daar gaat het in de praktijk wel eens mis. Want als de werknemer  geen nieuwe WW  aanvraagt, komt de oude WW-uitkering in zijn volle omvang weer ten laste van CVO.  

Een recht op WW-uitkering ontstaat van rechtswege. Maar als de werknemer geen aanvraag indient, hoeft UWV er niets mee te doen. Soms attendeert UWV de werknemer erop dat hij een nieuwe WW kan krijgen, maar dat is extra service. UWV is niet verplicht dat te doen.
De ex-werkgever is voor zijn besparing tijdens een volgende werkloosheid dus afhankelijk van de medewerking van de werknemer om zijn nieuwe WW aan te vragen.

Voor de werknemer kan een nieuwe WW gunstig zijn: hij heeft dan weer langer recht op uitkering. Maar werknemers met een Wovo-uitkering die tot hun AOW loopt, hebben er meestal weinig voordeel van. Voor hen is een nieuwe WW-aanvraag vooral rompslomp.
De ex-werkgever kan het indienen van de nieuwe aanvraag bevorderen door uitleg, en misschien hulp bij de aanvraag.

Lisette Kalis: “We zien dat veel van de tijdelijke en gedeeltelijke werkhervattingen niet leiden tot een definitieve besparing van de uitkeringslasten en dat is erg zonde. We zijn daarom voornemens om onze ex-werknemers actiever te gaan wijzen op hun mogelijke nieuwe WW recht”.

 

Opmerking: Over een jaar evalueren we en kijken we of de uitkeringslasten inderdaad verminderd zijn.